Ballade van de goede George Campbell

Capo 3
     C                         Bes
Van hoog uit het hoogland reed uit op een dag
    C                         Bes         C
de goede George Campbell met vaandel en vlag,
     F         C        F          C
met zadel en trom, met rondel en speer;
      Am                            G          C
zijn paard keerde huiswaarts, maar hij nimmer meer,
      G            C                F          C
zijn paard keerde huiswaarts, maar hij nimmer meer.

Zijn moeder liep uit en haar wanhoop was groot,
zijn bruid zat in ít boograam bedroefd tot de dood.
Zijn houding was fier en zijn woord zo teer;
zijn paard keerde huiswaarts, maar hij nimmer meer,
zijn paard keerde huiswaarts, maar hij nimmer meer.

Zijn weiden zijn welig, zijn koren staat hoog,
zijn kind is geboren, een lust voor het oog.
Maar hij ging ten strijde met rondel en speer;
zijn paard keerde huiswaarts, maar hij nimmer meer,
zijn paard keerde huiswaarts, maar hij nimmer meer.

[NeuriŽn]
[NeuriŽn]
Maar hij trok ten strijde met rondel en speer;
zijn paard keerde huiswaarts, maar hij nimmer meer,
      G            C               Bes         C
zijn paard keerde huiswaarts, maar hij nimmer meer.